# Wat het interview onthulde

Om half vijf 's middags, op de parkeerplaats van RTL Nieuwslab in Hilversum, zat Carin de Groot op de rand van de stoeprand, met haar pumps aan een hand bungelend en haar telefoon trillend in de andere. De lucht rook naar verbrande koffie en warm asfalt. Het logo van de zender weerspiegelde in de voorruit van een zwarte Volvo XC90 die ze maar al te goed kende.

De camera had twintig minuten geleden gestopt met opnemen, maar het interview draaide nog steeds door in haar hoofd. De presentator had haar gevraagd naar haar doelen voor de komende tien jaar, en zij, in plaats van te praten over het nieuwe contract, de tournee, de lancering, had eruit gegooid wat ze al jaren met zich meedroeg:

"Ik wil juf worden op de basisschool."

De stilte op de set werd doorbroken door het klikken van de airco.

Carin streek haar haar naar achteren en zag het portier van de Volvo opengaan. Haar moeder, Willemien de Groot, gekleed in een beige rok en het horloge dat Carin haar twee jaar geleden had betaald, liep naar haar toe met een strakke mond, zonder groet.

"Ben je ziek?" zei ze kortaf, voor haar staand, haar schaduw blokkerend.

Carin keek niet op. Ze streek met de rand van haar telefoon over haar lip, zoekend naar een manier om uit te leggen wat ze zelf nog niet helemaal begreep.

"Ik doe dit al elf jaar, mama. Elf. Elke ochtend smeer ik make-up op mijn gezicht en lees ik het fileverslag voor en zet ik een glimlach op voor een camera terwijl half het land vaststaat op de A2. Ik ga hier vanbinnen aan kapot."

Willemien hurkte tot ze op ooghoogte was. Ze liet haar stem zakken, die toon die Carin kende van vroeger, van vlak voor een straf.

"Luister goed, meisje. Jij hebt geen dromen. Jij hebt een carrière. En die carrière betaalt het huis, de verzekering, de vijftien mensen die voor je werken. Je kunt niet live op televisie zeggen dat je beertjes wilt inkleuren."

"Dat zei ik niet. Ik zei juf."

"Erger nog."

Ze keken elkaar even aan. Het logo van de zender knipperde. Willemien pakte haar telefoon en opende de bank-app. Ze hield hem voor Carins gezicht.

"Zie je dit?" zei ze. "Daar staat alles. Jouw rekening, de mijne, die van de zaak. Alles loopt via dezelfde pot. Als je nu stopt, rekent de sponsor van de sapjeslijn de opzegclausule aan je door. Tweehonderdveertigduizend euro. Waar denk je dat dat vandaan moet komen? Uit die pot. Uit mijn pot."

Carin knipperde met haar ogen. Niet vanwege het bedrag, maar vanwege wat haar moeder net had gezegd. "Uit mijn pot."

Ze pakte de telefoon uit haar hand. Willemien liet het toe, in de veronderstelling dat ze haar had overtuigd.

Carin opende de transacties. Ze scrolde met haar duim naar beneden. Twee overschrijvingen van elfduizend vijfhonderd euro, gedaan de vorige maand, naar een rekening die ze niet herkende. Achtduizend drie vorig jaar, vijftienduizend het jaar daarvoor. Het patroon herhaalde zich al jaren. Kleine bedragen, vermomd als productiekosten, reiskosten, belastingen.

"En dit?" vroeg Carin, terwijl ze het scherm naar haar moeder draaide.

Willemien knipperde niet eens met haar ogen.

"Ik was het voor je aan het bewaren, meid. Dat geld raak je niet aan."

"Was je geld aan het bewaren op een rekening bij een bank in Almere die ik niet ken?"

"Wat je niet uitgeeft, verliest niemand, meid."

Carin stond op. Ze deed haar pumps aan, eerst de ene, dan de andere. Ze streek haar rok glad. Ze hing haar tas over haar schouder.

"Mama, maandag ga ik naar het kantoor van de advocaat. En aan het eind van de week ga ik de studio in en kondig ik mijn vertrek aan. Dit is geen dreigement. Dit is een mededeling."

Willemien deed een stap achteruit. Haar hak schraapte over het beton.

"Ze laten je niet gaan. Je hebt een contract voor vier jaar getekend."

"Er is een uitstapclausule voor mentale gezondheid. Die ga ik gebruiken. En ik weet nu hoeveel je me schuldig bent."

Carin draaide zich weg. De deur van het gebouw viel achter haar dicht. Willemien bleef alleen achter onder het logo van de zender, met de telefoon van haar dochter nog in haar hand, starend naar het bankscherm waarop het totaalsaldo van de rekening te zien was: vierhonderdzevenendertigduizend euro. En daaronder, in kleine letters, de naam van de rekeninghouder: Willemien de Groot.

Carin ging niet naar huis. Ze reed rechtstreeks naar het kantoor van een advocate in Amsterdam-Zuid. Ze betaalde het consult met haar creditcard. Zittend tegenover de vrouw legde ze haar telefoon op tafel en toonde de screenshots.

"Ik wil terug wat van mij is," zei ze. "En ik wil dat het contract met de zender ontbonden wordt."

De advocate, een vrouw met grijs haar en rood gelakte nagels, typte zonder op te kijken.

"Hoeveel jaar heb je gewerkt?"

"Elf."

"Hoeveel denk je dat het bedrag is?"

"Ik weet het niet. Ik weet alleen dat er transacties zijn voor ruim vierhonderdduizend."

De advocate knikte. Ze belde haar assistente via de intercom.

"Breng het volmachtformulier en de opzeggingsbrief. We hebben ze maandag nodig."

Maandag kwam Carin een half uur voor de uitzending aan bij de zender. Ze had een groene map onder haar arm. Ze groette de visagiste, ging in de stoel zitten en keek in de spiegel. Ze zag haar moeder weerspiegeld in de rand ervan, binnenkomend zonder te kloppen. Willemien droeg dezelfde jurk als die avond op de stoeprand, met duidelijke wallen onder haar ogen. Carin draaide zich niet om.

"Ik kom met je praten," zei Willemien.

"We hebben al gepraat."

"Je kunt me dit niet aandoen."

Carin stond op. Ze gaf haar de map.

"Bekijk maar."

Willemien, met licht trillende handen, opende de map. Erin zaten drie dingen: een kopie van de aanklacht wegens verduistering van gelden, een ontslagbrief aan de zender gedateerd op diezelfde dag, en een nieuwe sleutel van Carins huis in Bloemendaal.

"Die sleutel past op het nieuwe slot," zei Carin. "Die van jou werkt niet meer. En wat de bank betreft, mijn advocate heeft de gezamenlijke rekeningen al laten bevriezen. Wat op jouw naam stond, ligt nu onder gerechtelijke toetsing."

Willemien keek naar de map, sloeg hem met een klap dicht.

"Ik heb je het leven gegeven. Ik heb je voor de camera's gezet. Alles wat je hebt, heb je aan mij te danken."

Carin kwam dichterbij en raakte haar pols aan, waar het horloge glinsterde.

"Ik heb je elf jaar van mijn leven betaald. En je hebt me nooit gevraagd of ik daar wilde staan. Vandaag vroegen ze me of ik bleef en ik zei nee. Dat is alles."

Ze verliet de kamer. Op de gang begeleidde de assistente haar naar de deur van de studio. De lampen brandden al. De presentator overhandigde haar de microfoon. Carin ging voor de camera zitten.

"Vandaag wil ik jullie iets vertellen dat geen nieuws is," begon ze. "Het is een afscheid."

Terwijl ze sprak, zag ze op het regiescherm haar moeder de parkeerplaats verlaten, de groene map tegen haar borst gedrukt. De zwarte Volvo verdween tussen de auto's. De camera bleef draaien.

Carin rondde het interview af. Ze legde de microfoon op tafel. Ze stond op. Ze liep de gang op, ademde de lucht in die naar koffie en tapijtlijm rook.

Op de parkeerplaats stond de Volvo niet meer. Er lag alleen een olievlek en een muntstuk van vijftig cent vastgeplakt aan de grond. Carin bukte zich, raapte het op, en stopte het in het zijvakje van haar tas. Toen zette ze het scherm van haar telefoon aan. De bankrekening die haar moeder gewoonlijk beheerde, stond nu op haar eigen naam, met een blauw hangslotje erboven.

Ze schreef een bericht naar de juf van haar nichtje, met wie ze al maanden in het geheim contact had.

"Staat die assistentenplek nog open?"

Het antwoord kwam na vier seconden.

"Ja, Carin. We verwachten je maandag."

Carin ademde uit. Ze stopte de telefoon in haar tas. Ze startte haar auto, een grijze Volkswagen Golf die haar moeder verafschuwde omdat hij niet goed stond op foto's, en reed de parkeerplaats af, richting Bloemendaal, naar het huis met het nieuwe slot.

Rate article
Sixty & Me
# Wat het interview onthulde